shutterstock onderwijs 1141x450

Ontslag wegens opheffing van de instelling of opheffing van de functie dan wel wegens wijziging van de inrichting van het onderwijs

Opheffing van de hele onderwijsinstelling komt niet vaak voor.
Vaker is sprake is van een sterke terugloop van het aantal leerlingen of het wegvallen van subsidies waardoor een onderwijsinstelling soms meent dat het nodig is een of meer afdelingen van een onderwijsinstelling te sluiten. In dat geval dienen er functies te worden opgeheven en op formatieve gronden ontslag te worden verleend. Een dergelijke inkrimping met een reorganisatie is onderwerp van overleg met de (Gemeenschappelijke) Medezeggenschap Raad) ((G)MR) die veelal over adviesrecht beschikt. Met betrekking tot de personele gevolgen van de inkrimping/reorganisatie moet (Decentraal Georganiseerd Overleg) DGO met de Centrales van personeelsvakorganisaties worden gevoerd. Pas na overeenstemming over het Sociaal Statuut met vertrekbevorderende maatregelen en een sociaal plan kunnen individuele personeelsleden met ontslag worden geconfronteerd. Voor het primair onderwijs wordt daarbij meestal onderscheid gemaakt tussen een vrijwillige en gedwongen fase.

Indien sprake is van een ontslag van enkele personeelsleden wegens terugloop van leerlingen, geldt dat dit alleen mogelijk is na instemming van de personeelsgeleding van de (G)MR over het formatieplan. In het primair onderwijs is voorafgaande aan ontslagverlening plaatsing vereist van het betreffende personeelslid gedurende een schooljaar in het risicodragend deel van de formatie (rddf). Tijdens dit rddf jaar dienen werkgever en werknemer een actief personeelsbeleid te voeren ter voorkoming van ontslag. Herplaatsing in alternatieve functies al dan niet met behulp van omscholing, is daarbij geboden.

Zowel het besluit tot plaatsing in het rddf (primair onderwijs) als het ontslagbesluit kan door u als werknemer worden aangevochten. Voor het bijzonder onderwijs staat een beroepsgang open bij de Commissie van beroep, terwijl voor het openbaar onderwijs hiertegen bezwaar bij het bestuursorgaan kan worden aangetekend en nadien beroep bij de Sector Bestuursrecht van de Rechtbank kan ingediend.

Wat moet u doen als u als onderwijsmedewerker wordt geconfronteerd met een ontslagvoornemen wegens opheffing van de instelling of opheffing van de functie, waarmee u het niet eens bent?

Maak bezwaar tegen het besluit. Dat wil zeggen:

  • teken niet voor akkoord;
  • vraag om een schriftelijke bevestiging van het (voorgenomen) ontslag;
  • protesteer schriftelijk tegen het (voornemen van een) ontslag (besluit);
  • houd u beschikbaar voor uw werk;
  • ga niet akkoord met schorsing en/of non-actiefstelling, vrijstelling van werk of betaald verlof;
  • weiger bedrijfseigendommen (laptop, telefoon, lease-auto, bedrijvenpas, etc.) in te leveren tot de ontslagdatum;
  • probeer zoveel mogelijk relevante documenten te verzamelen, die zicht kunnen geven op uw positie en die van uw collega’s (e-mailberichten van uw werkgever, collega’s of van u zelf). Let wel op dat u zich niet schuldig maakt aan verduistering of diefstal bij het verzamelen van deze documenten;
  • denk aan de termijnen waarbinnen u bezwaar kunt maken en beroep kunt aantekenen;
  • bel of e-mail zo spoedig mogelijk Allied Advocaten

Overigens worden veel van deze zaken buiten de rechter om tussen partijen in der minne geregeld, vaak met behulp van een ontslagadvocaat, Dit leest u verder in ontslag “met wederzijds goedvinden”.