shutterstock onderwijs 1141x450

Ontslagprocedure bij de kantonrechter of de Commissie van beroep (algemeen bijzonder en bijzondere onderwijs)

De ontslagprocedure bij de Kantonrechter

Een onderwijsinstelling die behoort tot de denominatie (algemeen) bijzonder onderwijs, kan als werkgever de kantonrechter om beëindiging van de arbeidsovereenkomst met de werknemer verzoeken. De werkgever moet daarvoor wel zogenaamde gewichtige redenen aanvoeren. Een zodanige gewichtige reden bestaat bijvoorbeeld als er sprake is van een structureel verstoorde arbeidsverhouding of conflict (eventueel in combinatie met disfunctioneren).

Deze procedure wordt met een zogenaamd verzoekschrift ingeleid. Als de werkgever het verzoekschrift bij de griffie van de kantonrechter heeft ingediend, wordt een afschrift daarvan verzonden naar de werknemer. De werknemer kan van zijn/haar kant reageren met een zogenaamd verweerschrift. Nadat het verzoek- en verweerschrift zijn ingediend, bepaalt de kantonrechter een datum waarop de zaak mondeling wordt behandeld waar zowel de werkgever als werknemer bij aanwezig dienen te zijn. Zowel voor het opstellen van het verzoekschrift als bij de mondelinge behandeling is het -gezien de vereiste specialistische kennis- raadzaam om een ontslagadvocaat van Allied Advocaten in te schakelen.

Tijdens de mondelinge behandeling krijgen zowel u, als werkgever, als de werknemer de gelegenheid hun standpunten mondeling uitvoerig toe te lichten. In de meeste gevallen voeren de advocaten het woord namens de partijen. De kantonrechter zal ook nog vragen kunnen stellen aan de partijen. Als de werkgever en de werknemer hun standpunten hebben toegelicht, krijgen partijen in veel gevallen nog de gelegenheid de kwestie met een minnelijke regeling op te lossen, door bijvoorbeeld alsnog de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden te beëindigen. Lukt dat niet dan volgt na ongeveer 14 dagen de beslissing van de kantonrechter. Deze beslissing is definitief en hoger beroep is niet mogelijk.

De kantonrechter beslist of de aangevoerde argumenten voldoende zijn om tot een beëindiging van de arbeidsovereenkomst te besluiten. Als de kantonrechter besluit niet tot ontbinding over te gaan, dan blijft de arbeidsovereenkomst gewoon in stand.

Als de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter wordt beëindigd, kan de kantonrechter ten gunste van de werknemer bepalen dat de werkgever aan de werknemer een vergoeding dient te betalen vanwege het verlies van de dienstbetrekking. Deze vergoeding wordt ook wel gouden handdruk, vertrekpremie, ontslagvergoeding etc. genoemd. Alles over de ontslagvergoeding leest u in het hoofdstuk “de ontslagvergoeding”.

De procedure bij de Commissie van Beroep

In diverse onderwijs –Cao’s is opgenomen dat een werknemer de mogelijkheid heeft tegen o.a. een schorsings- of een ontslagbesluit van de onderwijsinstelling op te komen bij de Commissie van Beroep. Daarnaast is het mogelijk dat de werknemer –in het geval hij een spoedeisend belang heeft bij een snelle beslissing-bij de Voorzitter van de Commissie van Beroep, een spoedvoorziening vraag- welke in principe behandeld kan worden door de Commissie, nog voordat de kwestie bij de “gewone” Commissie van Beroep wordt behandeld.

Het voordeel voor de werknemer van deze beroepsprocedure bij deze commissie is dat deze procedure minder formeel is en dat de commissieleden (waaronder ook niet juristen) beschikken over specifieke kennis van het onderwijs. Voorts is de werkgever gebonden aan de uitspraak van de commissie. Nadeel voor de werknemer is dat de Commissie van Beroep niet bevoegd is tot het toekennen van een schadevergoeding.

De werkgever is –zoals gezegd- gebonden aan de uitspraak van de Commissie van Beroep. De werknemer kan in voorkomende gevallen echter nog bij de gewone rechter procederen voor schadevergoeding wegens "kennelijk onredelijk ontslag en de kwestie inhoudelijk nogmaals voorleggen aan de kantonrechter indien hij geen arbeidsovereenkomst heeft getekend op grond waarvan hij gebonden is aan de uitspraak van de commissie van beroep. De kantonrechter toets in zulke gevallen echter slechts marginaal dat betekent dat de rechter nagaat of de beslissing van de Commissie van Beroep - gelet op de daarbij betrokken belangen - had mogen worden genomen. De rechter beoordeelt niet de inhoud van het besluit zelf, maar kijkt alleen of het op de juiste manier tot stand is gekomen. De rechter kan bij marginale toetsing niet zelf een ander besluit nemen. De rechter kan de beslissing hoogstens vernietigen.